Vorige week stond ik bij Albert Heijn met een blikje wijn in mijn hand en ik twijfelde. Niet omdat het duur was, maar omdat het gewoon een blikje was. Geen fles, geen kurk, geen etiket met een kasteeltje erop. Een paar maanden geleden had ik het waarschijnlijk teruggezet. Nu lag het gewoon in mijn tas.
Dat is precies wat er dit jaar gebeurt met wijn in blik. Wat lang een gimmick voor op het festival leek, staat nu gewoon naast de rosé en de pet-nat in het schap. En de cijfers uit de supermarktbranche laten zien dat dat geen toeval is: het aanbod is de afgelopen jaren fors gegroeid en de meeste grote ketens hebben inmiddels minstens één blikjeswijn in het assortiment.
Waarom het blikje ineens overal ligt
Albert Heijn begon een paar jaar geleden met 2wine, blikjes gemaakt van druiven van een biologische wijngaard op Mallorca, en inmiddels verkoopt vrijwel elke grote supermarkt wel een variant. De reden is simpel: een blikje wijn is precies één groot glas, zo'n 250 milliliter, en dat lost een probleem op waar niemand het hardop over heeft. Een fles wijn opentrekken voor één glas voelt zonde, want de rest verliest smaak zodra de kurk eruit is. Een blikje maakt die keuze overbodig, je drinkt precies op en er blijft niets over om de volgende dag te vergeten in de koelkast.
Daar komt bij dat een blikje makkelijker mee te nemen is dan een fles met kurk. Op het strand, op de camping of bij een verjaardag in het park hoef je geen kurkentrekker te zoeken en niets breekt als het valt. Blikjes koelen ook sneller af dan glas en blijven langer koud, wat ze geschikt maakt voor precies de momenten waarop mensen nu het vaakst drinken: kort, buiten, en met minder alcohol dan tien jaar geleden. Marktonderzoekers wijzen er ook op dat blikjes makkelijker te doseren zijn, wat aansluit bij de bredere trend naar bewuster drinken in plaats van simpelweg minder duur uit zijn.
Niet elk blikje is evenveel waard
Toch is er ook kritiek, en niet zonder reden. Wijnboer Ilja Gort noemde blikjes eerder ronduit af, met als argument dat het metaal de zuivere smaak van de wijn aantast. Sommeliers zien het vooral als iets voor informele momenten, een picknick of een terrasje, niet als iets dat ze op een wijnkaart in een restaurant zouden zetten. Die scepsis komt niet uit het niets: goedkope bulkwijn verandert niet in iets beters alleen omdat hij in een ander materiaal zit.
Dat oordeel klopt dus voor een deel. Sommige blikjeswijn is inderdaad gemaakt om snel weg te drinken en niet om lang te bewaren of te laten ademen. Maar er zijn ook producenten die het serieus aanpakken. Neleman, de biologische wijnmaker uit Utiel-Requena, brengt al jaren blikjeswijn uit die kwalitatief weinig onderdoet voor de fles. Het verschil zit vooral in wie de wijn maakt, niet in het materiaal zelf. Net zoals bij lichte rode wijn geldt: een goed gekoelde, frisse stijl wint bij een blikje, terwijl een zware barrique-rode wijn er weinig bij te winnen heeft. Kijk dus niet alleen naar de verpakking, maar naar de druif en de streek, precies zoals je bij een fles zou doen.
Het duurzaamheidsverhaal klopt best wel
Waar de trend minder gimmick en meer serieus wordt, is bij de milieu-impact. Glas is zwaar en kost relatief veel energie om te vervoeren en te recyclen. Aluminium blikjes wegen een fractie daarvan, bestaan vaak al voor 70 procent uit gerecycled materiaal, en aluminium is in principe oneindig herbruikbaar zonder kwaliteitsverlies. Volgens Milieu Centraal hoort een leeg blikje bij het pmd-afval (plastic, metaal en drinkpakken), zodat het aluminium er goed uitgehaald kan worden voor recycling.
Dat is een reëel voordeel, geen marketingpraatje. Het maakt het blikje tot een van de weinige drankverpakkingen waarbij gemak en duurzaamheid dezelfde kant op wijzen in plaats van tegen elkaar in te werken, zoals vaak bij alcoholvrije wijn in kleine plastic flesjes wel het geval is. Bij transport telt gewicht direct mee in de CO2-uitstoot, en een pallet blikjes weegt aanzienlijk minder dan diezelfde hoeveelheid wijn in glas.
Wat je ervoor betaalt
Prijstechnisch valt een blikje meestal tussen de twee en vier euro, wat neerkomt op een vergelijkbaar of soms zelfs iets hoger bedrag per glas dan een middenklasse fles. Je betaalt dus niet minder voor het gemak, eerder ongeveer hetzelfde. Wat je wel wint, is dat je nooit een halve fles hoeft weg te gieten omdat je maar één glaasje wilde. Voor wie vaker alleen drinkt of gewoon niet elke avond een hele fles open wil trekken, is dat een reëel voordeel dat in de prijs per glas niet direct zichtbaar is.
Wanneer je toch beter naar de fles kunt grijpen
Voor een romantisch etentje, een wijn die je nog even wilt laten liggen, of een fles die je speciaal hebt uitgezocht bij een goede wijnhandel blijft glas de logische keuze. Blik is geen vervanging van alles, het is een extra optie voor momenten waarop een hele fles gewoon niet praktisch is. Ga voor het strand, de camping of een spontane borrel gerust voor het blikje, en bewaar de fles voor het moment waarop je echt de tijd neemt om te proeven. Dat onderscheid, en niet het materiaal zelf, bepaalt uiteindelijk of een avond met wijn geslaagd is.